Bratislava 2018

Bratislava is misschien niet de eerste stad waar je aan denkt bij een stedentrip. Bij diverse websites lees ik, ‘of Bratislava wel de moeite is’. Natuurlijk is het altijd persoonlijk, het is maar net waar je interesses liggen. De komende vier dagen ga ik ontdekken of Bratislava écht de moeite waard is. In mijn leven bezocht ik al honderden steden en heb dus genoeg referenties om een oordeel vellen.
Slowakije met haar hoofdstad Bratislava zijn niet bepaald wat je koplopers zou kunnen noemen. Slowakije is maar een beetje groter dan Nederland en telt maar 5,5 miljoen inwoners. Bratislava telt maar 430.000 inwoners en zit daarmee qua inwonersaantal tussen Den Haag en Utrecht in.
Na het uiteenvallen van het Oostblok heeft Bratislava een enorme ontwikkeling doorstaan. De gehavende stad is na de oorlog een hippe stad geworden. De stad heeft te maken met een snel toenemende mate van populariteit onder stedentrippers, dat mede te danken is aan de vrij compacte historische binnenstad dat na restauraties in top conditie is gekomen. Het is vooral een sfeervolle stad waar je lekker rond kunt wandelen en nog tegen betaalbare prijzen kunt genieten van een hapje of een drankje. In het café kost een biertje (Pivo, halve liter) ca. 2 euro. Je kunt dus al voor een tientje zat zijn! Vrijgezellenfeesten zijn dan ook veel voorkomend. Er zijn volop horecagelegenheden waardoor het ook onder de jeugd een populaire stad is. Dat verklaart meteen waarom er zoveel hostels zijn.
Een diner heb je al vanaf tien euro inclusief een drankje. De busrit tussen het vliegveld en het centraal station kost slechts 90 cent. Waar maak je dat nog mee? Bij Airbnb vind je appartementen in het centrum voor 30 à 40 euro per nacht. Wil je goedkoop op vakantie, dan kun je nog altijd in de voormalige Oostblok landen terecht. Dat geldt zeker voor Slowakije.
De Slovaken hebben een eigen taal. Het Slovaaks/Slowaaks wordt geschreven in het Latijnse alfabet en is nauw verwant aan het Tsjechisch en het Pools. Het bevat veel leestekens ook op de medeklinkers. De taal is voor ons slecht leesbaar en moeilijk en voor mij klinkt het allemaal als Russisch.


Bratislava ligt zoals andere grote Europese steden Wenen, Boedapest en Belgrado aan de rivier de Donau. Lokaal wordt deze rivier Dunaj genoemd. Opvallend is, hoe weinig er eigenlijk langs de oevers van de Donau gebeurt. Er liggen alleen rondvaartboten, boten met restaurants en een hotelboot (Botel). Verder worden de oevers van de Donau amper actief betrokken bij het culturele en sociale leven van de stad. Romantiek is ver te zoeken.
De historische binnenstad van Bratislava is de grote publiekstrekker van de stad. Hier bevinden zich de meeste bezienswaardigheden variërend van authentieke gebouwen, fraai vormgeven torens, indrukwekkende kerken, sfeervolle straten en pleinen. Topattracties van de oude stad zijn de Franciscanenkerk, het Oude Stadhuis (met daarin het Stedelijk Museum), het Paleis van de Primaat, de Michaëlpoort, Hlavné námestie en de Jezuïetenkerk ofwel de blauwe St. Elisabethkerk. Een redelijk groot deel van de Oude Stad is autovrij. Het oostelijke deel van de binnenstad bestaat meer uit gebouwen uit latere tijden, met name uit de twintigste eeuw. Hier zie je veel straten en gebouwen die niet direct de moeite waard lijken te zijn, maar die feitelijk wel deel uitmaken van de historie van Bratislava en daardoor ook bij het gezicht van de stad horen.
Tegenkomend op de vraag: is Bratislava de moeite waard? Ik moet volmondig antwoorden met ‘ja’. Bratislava heeft een eigen karakter en is niet met andere steden te vergelijken. Maar het is ook weer niet zo groot en boeiend dat je er dagen kunt verblijven. Het is gewoon weer eens wat anders. Mensen hebben nu Rome, Parijs en Londen wel gezien.

De volgende onderwerpen zijn nader belicht:

Bratislava City Museum
Dit is een van de belangrijkste musea in Bratislava. Het museum is ondergebracht in het voormalige Stadhuis op Hlavné námestie, de Grote Markt in het centrum. Omdat het aanbod van voorwerpen zo uitgebreid is en totaal niets met elkaar te maken heeft, is moeilijk te omschrijven waar het museum over gaat, maar in het algemeen is het historisch. Er zijn onder andere te zien: een stijlkamer, meubels, huisraad, oude geschriften en kunst. Tevens kan je met het entree de toren van 45 meter hoogte beklimmen. Het meest opvallende, indrukwekkende en unieke vormt misschien wel de kelder van het gebouw waar martelwerktuigen tentoongesteld zijn. Het zijn gruwelijke martelwerktuigen. Die werden overigens niet alleen hier in de middeleeuwen gebruikt maar in heel Europa. In de middeleeuwen hadden de mensen nog niet zoveel rechten. Als je verdacht werd van criminaliteit werd je lichaam meedogenloos opgerekt, doorgezaagd, doorregen met pinnen enzovoorts….

Bratislavský Hrad en Historisch Museum
Zowel letterlijk als figuurlijk de blikvanger van Bratislava is de kasteel van Bratislava (Bratislavsky Hrad). Dit kasteel ligt op loopafstand ten westen van de historische binnenstad. Het kasteel stamt oorspronkelijk uit het begin van de tiende eeuw, waarna er meerdere keren uitbreidingen en aanpassingen plaatsgevonden hebben. Op 28 mei 1811 is de kasteel zelfs vrijwel geheel afgebrand. Het duurde tot de jaren vijftig van de vorige eeuw voordat de burcht herbouwd was. De meest recente grote restauratie begon in het jaar 2008 en was in 2010 afgerond. Dit werd gevierd met een groots opgezette ceremonie op 6 juni 2010 waarbij tevens het standbeeld van Koning Swentopluk onthuld werd. Dat het kasteel gerenoveerd is, is goed te zien aan het interieur. Het is sober en strak. In het algemeen is geen super boeiend kasteel. Diverse centrale ruimtes zijn afgewerkt met gouden biezen en dat is ongeveer het enige dat mooi is aan het interieur.
In het kasteel is het Historisch Museum ondergebracht. Het museum toont een zeer gevarieerde collectie van voorwerpen uit het verleden van Bratislava; van archeologische beelden tot buizen radio’s. Steile trappen in de 47 meter hoge toren brengen je naar panoramisch uitzicht over de stad. Via een kleine wenteltrap kom je in de kroonjuwelen kamer, maar er is slechts één imitatie kroon te wonderen.
Niet alleen het kasteel/museum is de moeite waard, wie in de omringende tuin loopt krijgt op de zuidelijke en oostelijke rand een prachtig uitzicht over Bratislava.

Františkánské námestie en Franciscaanse kerk
Dit plein grenst aan het Hlavné námestie. Hier staat de Franciscaanse kerk en klooster welke volmondig in het Slowaaks ‘Františkánsky kostol Svestovania Pána’ genoemd worden. De beginselen van deze bouwwerken dateren uit de late dertiende eeuw. Het barokke uiterlijk is echter pas in de achttiende eeuw verkregen. In de kerk hebben in het verleden vele kroningen van koningen plaatsgevonden.
Op het plein vind je vrijwel doorlopend kraampjes waar souvenirs en ambachtelijke producten verkocht worden.

Grassalkovichov Palác
Het barokke Grassalkovičov Palác aan de Hodžovo Námestie is het paleis waar de president van Slowakije woont. Dit in grijs/wittinten barokke stijl opgetrokken paleis dateert uit omstreeks 1760. Het gebouw met zijn vlaggenmasten en wachters doet zeer hoffelijk aan. Achter het paleis ligt Grassalkovichova záhrada. Dit is tegenwoordig een publiek park en was vroeger de tuin van het paleis. Het behoort tot de populairste parken in het centrum van Bratislava. Er staan diverse standbeelden waaronder het standbeeld van Keizerin Maria Theresia op haar paard.

Hlavné námestie
Hlavné námestie (Grote Markt) is samen met het aangrenzende plein Františkánské námestie de kern van de historische stad en stamt uit de veertiende eeuw. De naam Hlavné námestie betekent letterlijk “hoofdplein”, waarmee aangeduid wordt dat het hier om het belangrijkste plein in Bratislava gaat. Langs het plein zie je fraaie gevels in allerlei pasteltinten. De belangrijkste elementen aan het plein zijn het Oud Stadhuis (Stará radnica) dat een combinatie van renaissancestijl met barokke elementen kent, het Paleis van de Primaat en de Maximiliaanfontein met daarop een beeld van ridder Roland uit 1572. Sinds 1868 is in het stadhuis het oudste museum (City Museum) gehuisvest. Een 45 meter hoge toren brengt je naar een panoramisch uitzicht over de oude stad.

Hviezdoslavovo námestie
Het Hviezdoslavovo plein is een van de oudste, drukste en grootste pleinen van de hoofdstad dat vroeger diende als markt. Het is aangelegd als een lange, dubbele promenade met aan weerszijde rijen met bomen. Horeca is er volop aanwezig en mede dankzij de beschutting van de bomen is het een geliefde plek tijdens de warme zomers. Tegenwoordig is het met zijn boulevard uiterlijk een gezellige en levendige plek waar altijd wat te doen, te zien of te luisteren is. Op het middengedeelte staan diverse standbeelden van onder andere een standbeeld van de dichter waar het plein na vernoemd is en een beeld van de Deense sprookjesschrijver Hans Christian Andersen. Het opvallendste gebouw aan de kop van het plein is het sierlijke Slowaakse National Theater.

Katedrála svätého Martina / St. Martinuskathedraal
De in gotische stijl opgetrokken St. Martinuskathedraal van Bratislava werd gebouwd op de ankers van een eerdere kerk op deze plaats. De kathedraal behoort tot de mooiste en oudste kerken van Bratislava die ook nog te bezichtigen is voor toeristen. Met name tussen 1563 en 1830 was deze kerk vaak het decor voor kroningen van Hongaarse koningen, onder meer Maria Theresia.
Onder de kerk ligt een begraafplaats waar belangrijke en invloedrijke personen liggen. Een vergulde replica kroon van 150 kg is gemonteerd op de 85 meter hoge kerktoren.

Kunst
Allerlei vormen van kunst vormen een belangrijk onderdeel in het dagelijks leven in Bratislava. Tijdens het communistische tijdperk gebruikten de mensen kunst om hun gevoel van onderdrukking uit te drukken. Tegenwoordig wordt kunst in allerlei vormen toegepast in het straatbeeld van Bratislava. Wat te denken van de soms enorme kunstobjecten die je aantreft op Hviezdoslavovo Nameste of de opmerkelijke beelden die verspreid door de historische binnenstad staan. Wie door de straten van Bratislava loopt zal ze zonder twijfel zien. Een van de meest bijzonder is ‘Man at Work’. Dit is een bronzenbeeld van een man die letterlijk uit een straatput kruipt. Naar verluidt vielen veel mensen letterlijk over dit beeld. Men heeft er maar een bord naast gezet met de tekst ‘Man at Work’. Nu staan er horde mensen om er foto’s van te maken. Een ander opmerkelijk beeld staat op het Hlavné námestie. Hier hangt een soldaat aan de achterzijde over een zijbank.

Michalska Brana / Michaël poort
Michalska Brana behoorde vroeger tot één van de vier toegangspoorten van de stad. Het koperen groene dak van de Michaël poort lijkt nog het meest op een kerktoren. Op het balkon heb je een mooi uitzicht over de stad en het kasteel (Bratislavský Hrad).
Nu is de poort een gezellig, druk en pittoresk plekje in de stad. Straatmuzikanten spelen er graag vanwege de goede akoestiek. In de aangrenzende winkelstraten zijn veel cafés en restaurants.

Natuur Museum
Veel steden hebben er een; een Natuur Museum. Bratislava heeft er ook een en wel vlak naast de Donau. Op de eerste verdieping van het neoclassicistische gebouw is een Muziek Museum onderbracht met een uitgebreide collectie muziekinstrumenten en ook oude documenten met bladmuziek.
Op de tweede en derde verdieping bevindt zich het Natuur Museum met een zeer uitgebreide collectie fossielen, opgezette dieren en skeletten. Het is zeer de moeite waard voor een bezichtiging en zeker voor kinderen is het zeer leerzaam. Bijzonder zijn de levensgrote imitaties van een mammoet en een relatief kleine dinosaurus.

Nový Most
Nový Most betekent de Nieuwe Brug. Om de naam is nogal wat te doen geweest. Toen hij in 1972 werd geopend heette hij Slovenského národného povstania, wat Slowaakse nationale opstand betekent. Echter in 1993 werd er door het parlement besloten dat de brug Nový Most moest gaan heten. Daarna zijn er initiatieven geweest om het wederom terug te draaien. Tijdens de bouw van deze behoorlijke lange brug over de Donau is onder andere de Joodse wijk in de oude stad plat gegooid.
Deze asymmetrische tuibrug over de Donau is een belangrijke verkeersader voor het wegverkeer tussen de twee oevers waarover Bratislava verdeeld ligt. Wat de ruim 431 meter lange brug bijzonder maakt is dat het de langste brug ter wereld is met één dubbele pyloon van bijna 85 meter en één brugdek. Onder het wegdek hangen twee loopburgen voor langzaam verkeer.
Bijzonder onderdeel van de brug is het restaurant bovenop de pyloon. Het restaurant is te bereiken met een lift in de pyloon. Dit restaurant ziet eruit als een vliegende schotel en biedt een prachtig 360 graden uitzicht over Bratislava.

Period Rooms Museum – The Apponyi House
Dit museum bevindt zich naast het Oude Stadhuis in het midden van het centrum. Het Apponyi House is een oude chique villa dat in 1762 gebouwd is. Het heeft prachtige stijlkamers uit de achttiende eeuw. Het is uniek in Bratislava en misschien wel een van de weinige oude gebouwen die voor publiek te bezichtigen zijn.

De belangrijkste musea in Bratislava:

Archaeological Museum – SNM, Žižkova 12

Arthur Fleischmann MuseumBiela 419/6

Bibiana – International House of Art for Children, Panská 41

Bratislava City Gallery – Mirbach Palace, Františkánske námestie 8-11

Bratislava City Museum / Múzeum Dejín Mesta, Radničná 1

Bratislava Transport Museum, Šancová 6419/1A

Bunker BS-8, Kopcianska Ulica

Children’s Museum, Vajanského nábrežie 2

Czechoslovak Fortification Museum, Belinského 7

Danubiana Meulensteen Art Museum, Cunovo – Vodne Dielo

Johann Nepomuk Hummel Museum, Klobučnícka 2

Museum of Clocks – House at the Good Shephard, Židovská 3

Museum of Jewish Culture, Židovská 17

Museum of Pharmacy – Red Crayfish Pharmacy, Michalská 1484/26

Museum of Trade, Linzbothova 16

Natural History Museum Bratislava / Slovenské Národné Museum + Prirodovedne Muzeum, Vajanského nábrežie

Nedbalka Gallery, Nedbalova 17

Period Rooms Museum – The Apponyi House / Múzeum Historickych Interieérov, Radničná 1

Railway Museum in Railway Depot Bratislava-Vychod, Východná

Slovak National Gallery, Námestie Ľudovíta Štúra

Slovak National Museum / Slovenské Narodné Múzeum / Historické Múzeum, Kasteel Zámocká

Synagoque, Heydukova

Mijn persoonlijke top 10 van Bratislava:

1. Bratislavský Hrad (kasteel en museum)
2. Een wandeling door het historisch centrum
3. City Museum en oude stadhuis
4. Period Rooms Museum – The Apponyi House
5. Natuur Museum
6. Michalska Brana / Michaël poort
7. St. Martinuskathedraal
8. Nový Most
9. Hviezdoslavovo námestie
10. Grassalkovichova záhrada (stadspark)

Bratislava op internet:

Lonely Planet

OV dienstregeling

Stedennet, Stedentips en informatie

Ticketbar

TOP 10 bezienswaardigheden 

Visit Bratislava

Wikipedia

 

Advertenties
Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Malta 2018

Malta is een land maar ook een eiland, maar het is geen eiland van Italië mocht je dat denken. Het ligt tussen Sicilië en Libië in de Middellandse Zee. Met een oppervlakte van 316 km2 is het nog kleiner dan Texel. De afmetingen van het hoofdeiland zijn ca. 12 bij 26 km. Het telt dik 400.000 inwoners en daarmee behoort het tot de dichtstbevolkte landen ter wereld, terwijl de hoofdstad Valletta weer de kleinste hoofdstad is van Europa.
De geschiedenis van het eiland gaat ver terug. Door de strategische ligging van het eiland is Malta van oudsher van groot belang voor het beheersen van de Middellandse Zee. De tempels van Ħaġar Qim en Mnajdra en de op het eiland Gozo gelegen tempel van Ġgantija zijn ouder dan de Egyptische piramiden. Diverse volkeren regeerden over Malta.
Ook Napoleon probeerde Malta te bezetten. De Maltezers verjoegen de Fransen met hulp van de Britten en zo werd Malta een Britse kolonie die tot 1964 duurde. Tot 1974 was de Britse vorstin het staatshoofd; daarna werd het land een republiek. Dit verklaart waarom Malta nog steeds Engels georiënteerd is. Naast Maltees spreekt een groot deel van de bevolking Engels en er wordt links gereden. Malta trad op 1 mei 2004 toe tot de Europese Unie en op in 2008 werd de euro ingevoerd als betaalmiddel.
De Maltese taal is ontstaan uit het Arabisch nadat de Arabieren Malta in 870 veroverden. Maltees is de enige Semitische taal die in het Latijns alfabet geschreven wordt. Naast de standaardletters van het Latijns alfabet, bevat het extra tekens zoals de Ħ, die hetzelfde wordt uitgesproken als onze H.

Ondanks dat Malta zo klein is heeft het toch een grote wereldwijde naamsbekendheid.
Opvallend op Malta zijn de gele kalkstenen (limestone) waarmee alle gebouwen zijn gebouwd. De steen wordt lokaal gewonnen. De bebouwing op Malta is zo dicht dat diverse steden tegen elkaar aan zijn gebouwd en één grote agglomeratie zijn geworden. Dicht bevolkt, maar dan heb ik het niet eens over de ruim één miljoen toeristen die er ieder jaar nog bij komen. Malta is vanwege het klimaat, de historische bebouwing, de restaurants en de stranden een populaire toeristische bestemming.
Maltezen zijn een zeer gelovig volk. 98% van de bevolking is katholiek, waarmee het een van de meest katholieke landen ter de wereld is. In Malta staan maar liefst 376 kerken.
Malta is kaal en rotsachtig met relatief weinig natuurlijke begroeiing. Zoek je natuur, ga dan vooral niet naar Malta. De zomers zijn heet en droog. De beste reistijd is mei als de temperaturen veel aangenamer zijn en er volop bloemen bloeien.
Malta is op veel plaatsen mooi, maar veel plaatsen zijn minder mooi. Het is dus zaak je goed voor te bereiden over waar je wil verblijven en de dingen die je wil zien. Doe je voordeel met onderstaande info.

Ħaġar Qim en Mnajdra tempels

Het tempelcomplex uit de steentijd ontstond in twee fasen rond 3500 en 2800 voor Christus en is daarmee ouder dan de Egyptische piramiden en het Engelse Stonehenge. Het is nog altijd zeer verwonderlijk hoe de bevolking in die tijd dergelijke bouwwerken heeft kunnen maken. Er zijn zelfs stenen van 20 ton gebruikt. Alle stenen zijn rechthoekig gekapt net zoals bij de piramides en het zijn geen zwerfstenen zoals bij Stonehenge. Omdat het zo oud is, is het best ver vergaan en daardoor voor sommige niet meer dan een stapel stenen oneerbiedig gezegd. Het feit dat de bevolking in die tijd al zo beschaafd was, is toch wel heel boeiend. De tempels behoren tot het Unesco Erfgoed.

Marsaxlokk

Dit vissersdorpje ligt aan de oostkust van Malta. Het oude vissersdorpje is een van de meest fotogenieke plaatsen op Malta. De kust heeft een tafereel dat nergens anders op Malta te vinden is. In de baai dobberen honderden kleurrijke bootjes die prachtige decors vormen voor een schilderij of foto. Van Gogh zou hier helemaal uit zijn dak gaan. Op de oeverpromenade bevindt zich een even kleurrijke markt met een grote diversiteit aan koopwaar maar wel erg op de toerist georiënteerd. Bij de tientallen restaurantjes kun je heerlijke verse vis eten. Het plaatsje is vooral een topattractie voor dagjesmensen.

Mdina

Mdina is misschien wel het mooiste stadje op Malta. Het middeleeuwse stadje is zeer pittoresk en authentiek waardoor het dagelijks veel toeristen trekt. Het is komen en gaan van toeristen die nagenoeg allemaal elders op het eiland verblijven. In het vrijwel autoloze stadje wonen nog geen 300 mensen. Mdina is een must see als je op Malta bent. Paardenkoetsen rijden rond met toeristen. De gebouwen – overwegend kerken, kloosters en paleizen van de Malthese adel – stammen uit de 17de eeuw en vroeger. Nu zijn in enkele gebouwen restaurants en souvenirwinkels ondergebracht. De bezienswaardigheden binnen de stadsmuren zijn binnen een uur bekeken, maar van de sfeer kan men urenlang genieten.

Senglea / Isla

Senglea ligt net als Vittoriosa ten oosten van Valletta. Senglea draagt tegenwoordig weer haar oude naam Isla. Daar waar Vittoriosa veel energie heeft gestoken in het opknappen van de stad heeft Senglea het duidelijk laten liggen en is daardoor nauwelijks interessant voor de toerist. Het kleine stadje heeft een fortificatie maar uit de riddertijd is nog weinig van over. Het enige aantrekkelijke is de uitkijkpost op de restanten van het oude Michaelfort met een prachtig uitzicht op Valletta.

Sliema

Ten westen van Valletta ligt Sliema. Dagelijks vaart een paar keer per uur een ferry naar Valleatta. Sliema is helemaal geen mooie plaats, maar vanwege de korte verbinding naar Valletta is het een gewilde uitvalbasis en het zicht op Valletta is fantastisch. De gehele kust staat vol met lelijke, moderne appartementencomplexen. Bij diverse makelaars kijken we in de etalage. Appartementen variëren van 2 ton tot 2 miljoen. Heel wat westerlingen zullen hier een tweede woning hebben. Er is blijkbaar nog veel behoefte aan nieuwbouw, want er wordt nog volop gebouwd. De allerrijkste bouwen een villa met zwembad recht naast de zee. Kosten? Geen idee, maar ik denk miljoenen.
De spaarzame stukjes strand in de stad bestaan uit stenen plateaus. Het ligt hard, maar je hebt in ieder geval geen zand tussen je tenen of in je zwempie. Aan zon geen gebrek.

Valletta

Valletta is de hoofdstad van Malta terwijl het maar 6.000 inwoners telt. Het is een historische vestingstad dat op een schiereiland ligt. Vanwege zijn unieke eigenschappen staat het op de Unesco Werelderfgoed. Dit jaar, 2018, mag Malta zich culturele hoofdstad van Europa noemen, net als Leeuwarden overigens. Aan de nog altijd bestaande enorme vestingmuren is goed te zien dat de stad in het verleden zwaar bevochten is.
Het wegenpatroon is kaarsrecht waardoor verdwalen bijna niet mogelijk is. Triq Ir-Republika is de naam van de belangrijkste winkelstraat die letterlijk in het midden van het centrum ligt. Massa’s mensen slenteren over de brede boulevard.
De stad is extreem heuvelachtig waardoor veel straten zeer steil zijn. Sommige straten zijn zo steil dat de trottoirs uit één lange trap bestaan. In sommige straten is zelfs autoverkeer niet mogelijk en bestaan de straten louter uit trappen. Als voetganger zul je dus geregeld moeten klimmen en dat merk je na een paar dagen behoorlijk aan je kuitspieren.
Dagelijks gaat er een paar keer per uur een ferry naar de ‘Drie Steden’ en naar Sliema. Het boottochtje duurt nog geen tien minuten. Het is een tocht en een bezoek die ik je zeer kan aanbevelen.
Ondanks de grote hoeveelheden toeristen en de historische bebouwing vind ik Valletta ook weer niet super mooi. Uniek is het zeker en het lijkt op geen enkele stad die ik ook eerder heb gezien en het is zeker de moeite waard voor een bezoek. In één à twee dagen heb je de stad eigenlijk wel bekeken.

Vittoriosa / Birgu

Vittoriosa vormt samen met Cospicua en Senglea de Drie Steden, die ten oosten van Valletta liggen. Samen zijn ze tot één stad versmolten. Vittorisa draagt tegenwoordig weer haar oude naam Birgu. Met de ferry van Valletta naar Vittoriosa is een van de mooiste dingen op Malta en tóch staat het niet in de reisgidsen! Vanuit Valletta gezien geniet je eerst van het prachtige uitzicht op de fortificatie van deze stad. Dan volgt het zicht op het evenzo historische Vittoriosa. De ferry vaart de jachthaven binnen. Het is een luxueuze jachthaven met peperdure boten tot wel 60 meter lang. Reken maar één miljoen per meter voor een jacht, dan weet je wat ze kosten. Nooit eerder zag ik zoveel grote jachten. Ik zie zelfs een jacht met een helikopter aan boord!
Vittoriosa is een prachtig stadje met veel kleine steegjes dat eigenlijk veel mooier is dan Valletta en vooral véél minder toeristisch. Het is misschien wel mooier om in Vittoriosa een accommodatie te zoeken en dan vanuit die stad dagtochtjes te maken naar Valletta.
Naast de jachthaven zijn het Maritiem Museum, het Inquisitor’s Paleis, het Malta at War Museum en het Fort St. Angelo de hoogtepunten in Vittoriosa.

Mijn persoonlijke top 10 van Malta:

1. Valletta
2. Mdina
3. Marsaxlokk
4. Ferry tussen Valletta en Vittoriosa
5. Ħaġar Qim en Mnajdra tempels
6. Vittoriosa / Birgu
7. Rondvaart door de havens van Valletta
8. Het paleis van de president in Attard
9. Dingli Cliffs
10. Blue Grotto

Klik hier voor meer foto’s van Malta.

Malta op internet:

Alles over Malta

Landen Portaal

Landen Net

Malta voor beginners

TOP-10 bezienswaardigheden 

Visit Malta

Wikipedia

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Leeuwarden (Ljouwert) 2018

Leeuwarden en Valletta (Malta) zijn in 2018 de cultuursteden in Europa. Het toeval is dat beide steden dit jaar op ons programma staan. Leeuwarden is als eerste aan de beurt. Ik vraag mij af, waarin verschilt Leeuwarden dit jaar met andere jaren? Wat heeft het extra te bieden? Omdat ik nooit eerder in Leeuwarden ben geweest heb ik weinig referenties. Ik ga er de komende dagen achter komen waarom Leeuwarden zich dit jaar culturele hoofdstad mag noemen. In de krant lees ik dat Leeuwarden ‘hot’ is. Mede omdat het nu de status heeft van culturele hoofdstad is het erg in trek bij toeristen.
Met bijna 100.000 inwoners is het een van de oudste steden in het noorden van Nederland met een rijke geschiedenis. Dankzij een historische binnenstad en woonwijken uit de negentiende en twintigste eeuw staat Leeuwarden met 617 rijksmonumenteninschrijvingen in de top-15 van Nederlandse monumentengemeenten. Ook heeft de stad beschermde stadsgezichten zoals de binnenstad met singels, het Nieuwe Kanaalgebied en de Hollanderwijk. Deze worden beschermd, omdat ze een bijzondere ruimtelijke structuur en karakter hebben. Naast de rijksmonumenten zijn er 375 beeldbepalende panden. In de middeleeuwen hadden gebouwen een naam i.p.v. een huisnummer. Diverse panden dragen nog steeds de oorspronkelijke naam. Ondanks dat Leeuwarden een historische stad is toch mis ik wat. De huizen zijn gemiddeld klein en sober zonder veel sierlijke details wat duidt op een niet erg welvarend verleden. Leeuwarden is een stad maar heeft wel dorpse charmes. Uiteraard zijn er ook veel uitzonderingen. De mooiste gebouwen van Leeuwarden zijn onder andere: het Catshuis, het Stadhuis, Centraal Apotheek, de Kanselarij, Eysingahuis, Post Plaza, het Provinsjehûs, het Blokhuispoort, de Waag, Beurs, Paleis van Justitie en het Station NS.


Leeuwarden staat onder andere bekend om de 11 Stedentocht, Mata Hari, M.C. Escher en Fryske Dumkes. Bij Leeuwarden denk ik ook aan Doutzen Kroes. Ik weet ook wel dat ze uit Giekerk komt, het kleine dorpje op 10 km van Leeuwarden. Maar een beetje dromen mag toch wel? Ik weet zeker dat ze in haar leven vaak in Leeuwarden is geweest. En heel, heel, heel misschien loop ik ze wel tegen het lijf. Letterlijk? Ze zal er vast nog regelmatig komen.
Het is lente en erg warm dus over de 11 Stedentocht ga ik het hélemaal niet hebben. Over Escher kan ik ook kort zijn. Het gezin woonde in de Grote Kerkstraat, maar verhuisde naar Arnhem toen hun zoontje vier jaar was. De kleine Escher heeft dus niet echt kunstwerken geproduceerd in Leeuwarden. In de Grote Kerkstraat bij het Prinsenhof Museum hangt een tekening van Escher ter herinnering aan zijn voormalige woonhuis. Als je een bijzondere collectie van hem wil zien raad ik je aan om naar het Fischer Museum te gaan in Den Haag.
Fryske Dumkes is, zoals het woord het al zegt, een typisch Friese lekkernij, maar niet specifiek uit de hoofdstad dus. Het zijn lekkere koekjes die onder andere te koop zijn bij de bakker en op de markt.
Mata Hari is wel echt uit de hoofdstad en daar zijn ze best trots op. Wat weet je nog van haar? Wel, Mata Hari is als Margaretha Zelle in 1876 geboren. Ze was een exotische danseres die door de Fransen schuldig vonden is aan spionage en daarom is gefusilleerd. Ze groeide op in de Grote Kerkstraat 212. Zoals bij zoveel historische huizen staat er op het huis een tekstbordje met uitleg over deze bijzondere vrouw die ooit tot de best betaalde danseressen van Parijs behoorde. Op de ‘Kelders’ staat een bronzen beeld van Mata Hari tegenover het huis waar ze is geboren.
Er zijn een heleboel dingen die me opvallen in Leeuwarden. Ten eerste de grachten. Ik zou het niet over de 11 Stedentocht hebben, maar bij het zien van de grachten kan ik mijn gedachte er niet van verzetten om niet over deze marathon wedstrijd te beginnen. Ik bedenk me hoe het is als in een strenge winter de grachten bevroren zijn en de Friezen staan te popelen om te schaatsen. Moet machtig mooi zijn om middenin de stad te schaatsen.


In Leeuwarden zie ik veel jonge mensen, omdat er in Leeuwarden veel scholen zijn met studenten. Ik zie ook veel dagjesmensen en toeristen. Blijkbaar is de stad erg in trek. De rondvaartboten zitten helemaal vol en de stadsgidsen hebben het lekker druk. Mede vanwege het fantastische weer zijn de terrasjes lekker vol. Er is trouwens veel horeca in de stad, net als winkels waardoor het een gezellige stad is.
Ik had verwacht dat veel Friezen altijd Fries spreken, maar dat valt eigenlijk best tegen. De jeugd krijgt maar enkele uurtjes Fries op school dat overigens wel een verplicht vak is. De Friese taal is pas in 1955 als officiële taal erkend. Nu zet de provincie zich in om de taal te promoten, maar mijn gevoel zegt mij een beetje dat steeds minder Friezen Fries (zullen) spreken in het openbaar. Overal in de stad zie je borden met teksten waarop ze proberen de taal levend te houden, maar ik als niet Fries sprekende kan er niets mee. Ik kan het niet lezen. Zet er dan op zijn minst een Nederlandstalige versie onder. Op het grote plein voor de Oldehove is een stuk tekst verwerkt in de bestrating over het onderwerp taal.
Bewust of onbewust ga je Leeuwarden toch vergelijken met Groningen. Er zijn duidelijk overeenkomsten maar ook grote verschillen. Vooral de inwoners van de beide steden zelf zullen het meer als verschillende steden ervaren vanwege de unieke eigenschappen. Maar als niet-noordeling zie ik duidelijk overeenkomsten tussen de planologische structuur van de centra.
Ik was drie dagen in Leeuwarden en heb me prima vermaakt. Ik vind het een fantastische stad die ik iedereen kan aanbevelen.

Op de volgende onderwerpen nader toegelicht:

Blokhuispoort
Het Blokhuispoort is een van de meest bijzondere gebouwen in Leeuwarden. Het Blokhuispoort is een restant van de fortificatie van de vesting. Het huidige gebouw bestond jarenlang uit een gevangenis en een Huis van Bewaring. Sinds de sluiting in 2008 zijn er een groot aantal bedrijfjes gehuisvest letterlijk in de kleine cellen van het complex. Maar er is ook een hostel (Alibi). Dus als je nog eens in een gevangenis wil slapen kun je hier terecht. De industriële binnenhal is prachtig om te zien met veel staal en uiteraard de originele, dikke, stalen deuren van de cellen.

Fries Museum
In 2013 opende het nieuwe Fries Museum zijn deuren aan het Wilhelminaplein. Het moderne museum is een van de grootste in noord Nederland met een grote diversiteit aan onderwerpen. Uiteraard staat Leeuwarden centraal met onder andere archeologische vondsten en schilderijen. Er is een stijlkamer ingericht met schitterend achttiende eeuws meubilair. Compleet tegengesteld hiervan is de ‘feestzaal’ die geheel grijs is ingericht. Ik wist niet wat ik zag; een kamer waar alles maar dan ook alles grijs is. Zelfs het kratje bier is grijs. Het is een bijzondere ervaring, waar je bijna je oriëntatie verliest, omdat diepte vervaagt door de monotone kleur. Naast middeleeuwse kust is er ook ruim aandacht voor moderne kunst in het museum, maar dat zal vast niet iedereen waarderen. Tot de collectie behoren ook een BH van Mata Hari en het zwaard van Grote Pier (Grutte Pier), maar deze heb ik beide gemist, moet ik bekennen.
Onderdeel van het museum is het verzetsmuseum over de geschiedenis van de Joden waarvan het overgrote deel gedeporteerd is in de Tweede Wereldoorlog.

Keramiek Museum
Het museum is gehuisvest in het Princessehof, dat van 1731 tot 1765 bewoond is geweest door Maria Louise van Hessen Kassel, weduwe van stadhouder Johan Willem Friso. Het paleis bestaat uit drie panden die zijn samengevoegd. In het middelste huis woonde eind negentiende eeuw het gezin Escher. Maurits is daar geboren in 1898.
Het Keramiek Museum heeft een grote en uitgebreide collectie keramiek waaronder onder andere kunst, servies, tegels, vazen enz. Keramiek is niet echt mijn ding. Wat ik wel bijzonder vind zijn drie grote ‘vijvers’ met stromend water waar tientallen schalen met verschillende diameters in ronddraaien. Door het stromende water kletteren de schalen tegen elkaar waardoor er een onophoudelijk ‘geklingel’ ontstaat. Zo simpel, maar zo inventief en origineel.

Museum Pakhuis Koophandel
Het Museum pakhuis Koophandel – ook wel Het Andere Museum genoemd – is een van de meest eigenaardige musea dat ik ooit gezien heb. Het museum is ondergebracht in een vrij klein pakhuis dat afgeladen vol is met een zeer grote variatie aan voorwerpen. Bij binnenkomst krijg je de indruk dat ze gewoon heel veel voorwerpen bewaard en opgeslagen hebben in plaats van het weg te gooien. De collectie is zeer uitgebreid en bestaat samengevat uit: oldtimers, dinky toys, model treinen, Meccano, kantklossen, borduren, antieke radio’s enz. enz. Maar er is ook informatie en materiaal over Mata Hari en de Vrijmetselaars. Het is een zeer gevarieerde collectie met voorwerpen die vreemd genoeg onderling helemaal niets met elkaar te maken hebben. Al met al een verrassend leuk museum.

Natuurmuseum
Diverse steden in Nederland hebben een Natuurmuseum, zo ook Leeuwarden. Het is voor alle leeftijden, maar vooral voor jongere is het bijzonder leuk omdat het heel interactief is. Het museum bevat een grote collectie opgezette dieren met als pronkstuk een 15 meter lang skelet van een potvis die ooit op de Wadden aanspoelde.

Oldehove
De Oldehove op de Oldehoofsterkerkhof (plein) is de meest mislukte kerk die ik ooit gezien heb. De toren moest een van de hoogste van de Noordelijke Nederlanden worden, maar dat is er nooit van gekomen. Omdat het op een terp werd gebouwd begon het gebouw al op tien meter hoogte over te hellen. Eerst werd geprobeerd nog loodrecht door te bouwen waardoor de toren behalve scheef ook krom werd. Op veertig meter hoogte werd de bouw gestopt. Later zijn de spitsboogramen en portalen in de onderste geleding dichtgemetseld om de toren nog steviger te maken. De toren is nu het belangrijkste symbool van Leeuwarden. Er zijn zelfs likeurflesjes te koop die net zo scheef zijn. Wenteltrappen, die ook scheef zijn, brengen je naar de top van de toren. In een glazen uitkijkpost kijk je 40 meter recht naar beneden. In de toren wordt op de wand een boeiende film vertoond over het wel en wee van het ontstaan van de kerktoren.

Pier Pander Museum
Het Pieter Pander Museum is een klein museum in de Prinsentuin. Pier Pander was een Friese beeldhouwer die leefde van 1864-1919. Hij wist zich ondanks zijn handicap te ontwikkelen tot een gevierd kunstenaar, de bekendste Nederlandse beeldhouwer van zijn tijd. Het museum toont beelden en medaillons van de kunstenaar maar ook koperkunst van Dirk van Erp die in dezelfde periode leefde en op zijn 28ste naar Amerika emigreerde.

Praamvaren
In Friesland heet een rondvaartboot Praamvaart. Dagelijks vertrekken diverse platte open schuiten vanuit de gracht bij Nieuwstad. De tochten zijn populair waardoor de kans bestaat dat de dag volgeboekt is. Ben er dus snel bij. Bij de rondvaart zie je Leeuwarden vanuit een heel ander perspectief. Een gids vertelt onderweg over de details van Leeuwarden.

klik hier voor meer foto’s.

De belangrijkste musea in Leeuwarden:

Boomsma Beerenburgen Museum, Bagijnestraat 42A

De Blokhuis Poort, Blokhuisplein 40

Fries Museum, Wilhelminaplein 92

Fries Verzetsmuseum, Wilhelminaplein 92

Historisch Centrum Leeuwarden, Groeneweg 1

Keramiekmuseum Princessehof, Grote Kerkstraat 11

Museum De Grutterswinkel, Nieuwesteeg 5

Museum Pakhuis Koophandel, Oostersingel 8

Natuurmuseum Fryslân, Schoenmakersperk 2

De Oldehove, Oldehoofsterkerkhof

Pier Pander Museum, Groeneweg 1

Tresoar, Boterhoek 1

Mijn persoonlijke top 10 van Leeuwarden:

1. Een stadswandeling volgens VVV
2. Een stadstour met een gids
3. Een rondvaart met de boot / praamvaren
4. Blokhuispoort
5. Friesmuseum
6. Oldehove
7. Grote of Jacobijnerkerk
8. Prinsentuin
9. Museum de Grutterswinkel
10. Natuurmuseum

Leeuwarden op internet:

A guide to Leeuwarden

Dagje weg

Leeuwarden (gemeente)

VVV Leeuwarden / Mooi Leeuwarden

Wikipedia

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Willemstad vesting Nbr. 2018

De komende tijd zul je wat meer verslagen van Nederlandse steden voorbij zien komen op deze blog. Nederland heeft zoveel moois te bieden, dat naar mijn mening best wel wat meer aandacht zou mogen krijgen. Ik ben ook van mening dat er op gebied van toerisme in Nederland nog veel verbeterd kan worden, vooral op internationaal niveau. Laten we het overvolle Amsterdam even links liggen en ons meer concentreren op de kleinere steden, natuurgebieden, de kust en onze cultuur. We hebben echt heel veel te bieden, dat vooral voor buitenlanders erg mooi is. Zelf zijn we er misschien blind voor omdat het alledaags is. De komende jaren ‘stroop’ ik Nederland af en wil ik graag de bijzondere plekjes met jullie delen. Mijn eerste tocht dit jaar is naar Willemstad, in Brabant wel te verstaan, want er is ook een Willemstad in Curaçao, Groningen en Friesland. Willemstad is bijzonder vanwege zijn vesting.

(foto Wikipedia)

Willemstad heeft een markant verleden. De oorspronkelijke gemeentenaam is Ruigenhil. Het is een plaatsje dat sinds 1561 bestaat, toen de markies van Bergen op Zoom een moerassig gebied liet inpolderen. De Spanjaarden namen op 17 juni 1583 bij de Slag om Steenbergen tijdens de tachtig-jarige oorlog Steenbergen in dat op 20 km afstand van Ruigenhil ligt. Ruigenhil lag op een strategisch punt aan het Hollands Diep. Willem van Oranje liet Ruigenhil daarom versterken tot een vesting. Na zijn dood in 1584 verleende zijn zoon, Prins Maurits, Ruigenhil in 1585 stadsrechten en vernoemde het dorp naar zijn vader, Willemstad. Prins Maurits liet door ‘fortificatiemeester’ Adriaen Anthonisz de vesting uitbreiden tot zijn huidige vorm van een zevenpuntige ster. De bastions op de punten van de ster werden ieder genoemd naar een van de zeven provinciën die zich hadden verenigd in de strijd tegen Spanje. Er bestaat nog altijd een band tussen Willemstad en de familie Van Oranje; één van de titels van koning Willem-Alexander is Heer van Willemstad.
Ik heb een zwak voor vestingen, omdat ik ze zo mooi en uniek vind. Nederland heeft wel tientallen vestingsteden, maar laten we eerlijk zijn; ze zijn niet allemaal even bijzonder. Andere unieke vestingsteden in Nederland zijn onder andere: Bourtange, Heusden en Naarden. Die staan ook nog op mijn lijstje. Vestingsteden hebben ook iets dubieus, omdat ze allemaal een verdedigingsfunctie hebben; oorlog dus. In veel vestingsteden zie je nog historische kanonnen staan. Nu zijn ze gedegradeerd tot speelobjecten voor kleine kinderen. Dus eigenlijk is het ‘speeltuig’… Tijden veranderen!


Willemstad is maar een heel klein stadje dat maar een stuk of 15 straten heeft. De ligging is idyllisch met veel kleine huisjes uit de 20e eeuw. De meest bijzondere gebouwen in Willemstad zijn de Koepelkerk, het Oude Raadhuis, het Arsenaal, d’Orangemolen en het Mauritshuis. Er is een klein haventje binnen de vesting en buiten de vesting bevindt zich een grote jachthaven. Bij de binnenhaven zijn enkele horecazaken gelegen en dat is nou precies wat de mensen trekt. Vanwege de mooie ligging zijn er altijd wel ‘toeristen’ die even een terrasje komen pakken, waardoor het vaak druk is. In het autoluwe stadje hebben motorrijders mazzel, want die mogen binnen de vesting parkeren. Voor veel dagjesmensen blijft het bij een terrasje pikken en das jammer, want Willemstad heeft meer te bieden. Wandel eens door het kleine stadje en nog mooier, een wandeling over de bastions. Aan de buitenzijde van de vesting volgt een hooggelegen grindpad de contouren van de zeven bastions. Het slingerde pad leidt je naar mooie panorama’s. Vanwege het hoogteverschil zie je de mooie bebouwing van Willemstad met haar kleine huisjes. Informatieborden geven uitleg over de bastions die vernoemd zijn provincies. Aan de noordzijde heb je vergezichten over het Hollands Diep, de haven en de verdedigingswerken in de bastions. Om de vesting ligt een dubbele gracht waar je ook lekker kunt wandelen.
Indrukwekkend, gezellig, mooi, historisch en uniek zo is Willemstad het beste te omschrijven.

Hieronder een overzicht van de meest interessante gebouwen in Willemstad.

Arsenaal
In een vestingstad is uiteraard behoefte aan een gebouw voor de opslag van wapentuig. Reeds in 1590 was er reeds sprake van een arctionaelhuys, ook wel ’s Lands Magazijn genaamd. Dit werd in 1627 vervangen door een nieuw arsenaal. Dit laatste gebouw raakte op zijn beurt in verval. Het huidige arsenaal werd in 1792 gebouwd.

Koepelkerk
De grote Koepelkerk ligt in het midden van het stadje. Het was de eerste kerk in Nederland, die speciaal voor protestantse diensten werd gebouwd. De bouw begon in 1597 en werd in 1607 voltooid. Prins Maurits verleende financiële steun voor de kerk, op voorwaarde dat deze in een ronde of achtkante vorm zou worden gebouwd. Tegenwoordig wordt het rijksmonument gebruikt door de Hervormde gemeente/PKN. Rondom de kerk ligt een kerkhof, als een oase van rust.

Mauritshuis
Het Mauritshuis is een jachtslot en buitenverblijf in Renaissance stijl dat in 1623 door Prins Maurits van Oranje onder de naam Princehof werd gebouwd. Veel heeft hij er niet van kunnen genieten, want Maurits overleed in 1625. Het gebouw werd de ambtswoning van de gouverneur en later magazijn, ziekenhuis en  thuishaven van postduiven. Vanaf 1973 was het stadhuis van Willemstad, tot het in 1997 opging in de gemeente Moerdijk. Het rijksmonument wordt tegenwoordig gebruikt als locatie voor zakelijke en particuliere evenementen, waaronder bruiloften. Op de zolder bevindt zich het museum van de plaatselijke heemkundekring. Beneden is de VVV en een postkantoor gehuisvest.

d’Orangemolen
De prachtige d’Orangemolen werd in 1734 gebouwd in opdracht van de Nassause Domeinraad. De molen was tot 2008 soms in bedrijf. Nu wordt de molen bewoond. In 2014 kreeg de D’Orangemolen een flinke opknapbeurt waarbij onder andere de voorzomen, de windborden, de stelling en de kruilier zijn vervangen en de molen een complete schilderbeurt heeft gekregen. Sinds 2014 kan de molen weer draaien. De molen is heel opvallend slechts aan één kant wit geschilderd en de andere zijde is niet geschilderd.

Oude Raadhuis
Het raadhuis kwam tot stand in 1587. Oorspronkelijk wenste Prins Maurits dat er een kerk én een raadhuis zou worden gebouwd in het toen nog jonge dorp. Vanwege de oorlogssituatie was daarvoor geen geld. Aldus werd een soort multifunctioneel raadhuis ontworpen waarin men ook kerkdiensten kon houden en dat voorzien was van een toren met luidklok. In 1620 werd het tot dan toe eenvoudige gebouw verfraaid met een Vlaamse gevel. Er kwamen enkele dakvensters in de nieuwe kap en de zolder ging fungeren als bewaarplaats voor gereedschap van oorlog, zoals hellebaarden en dergelijke. De wapenstenen in de gevel werden in 1798 eveneens verwijderd, om in 1937 weer te worden aangebracht.

Klik hier voor meer foto’s van Willemstad.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Baarle-Nassau en Baarle-Hertog 2018

Omdat ik in Midden-Brabant opgegroeid ben en familie had in Baarle-Nassau, kwam ik al op vroege leeftijd in Baarle, zoals het in de volksmond genoemd wordt. In het Brabants dialect klinkt het dan als “Bòòl “. Vroeger dacht ik altijd dat Baarle-Hertog een Belgische gemeente was, dat tegen Baarle-Nassau aan is gebouwd, een enclave dus. Maar het blijkt veel complexer te zijn. Baarle is het enige dorp ter wereld dat bestaat uit een internationale legpuzzel van 35 gebiedsdelen. Het grondgebied van beide gemeenten loopt met name in de kern flink door elkaar. Er zijn 22 exclaves van Baarle-Hertog in Baarle-Nassau en 8 exclaves van Baarle-Nassau in Baarle-Hertog. 4 van de enclaves liggen echter niet in Baarle maar ter plaatse van de Nederlands-Belgische grens. Een aantal van deze Nederlandse exclaves vormen weer enclaves in de Belgische enclaves. Een enclave in een andere enclave wordt counterenclave of enclave van de tweede orde genoemd. Dit is heel uniek in de wereld want het komt maar op twee andere plaatsen in de wereld voor nl. in de Verenigde Arabische Emiraten en in Bangladesh (Cooch Behar), waar de grootste en de meest complexe enclave van de wereld is.

In 1993 suggereerde Jan Houben, voorzitter van de CDA-statenfractie in Noord-Brabant, dat de enclavesituatie in Baarle het best opgeheven kon worden vanwege gemeentelijke herindelingen. Om een lang verhaal kort te maken. De Tweede Kamer in Den Haag besliste uiteindelijk in 1996 om Baarle-Nassau zelfstandig te laten en dus buiten het herindelingsproces van Brabant te houden. Hoe kan (kon) iemand het in zijn hoofd halen om de enclaves op te heffen en her in te delen? Is het niet geweldig mooi en zeldzaam? Het is een unieke situatie in de wereld. Dit moet zo behouden blijven. Dit is geschiedenis. Het hoort gewoon bij de cultuur. De inwoners van de beide gemeenten vinden het (nu) zo uniek dat ze menen dat de gemeentes op het Unesco Werelderfgoed moeten komen.
Baarle-Nassau en Baarle-Hertog zijn samen gesmolten tot één dorp. Maar dat is feitelijk bedrog, want de dorpen hebben elk hun eigen B&W, kerk (Onze-Lieve-Vrouw van Bijstandkerk NL, Sint-Remigiuskerk B), scholen, postkantoor, apotheek, notaris en vroegers zelfs hun eigen station aan het zogenaamde Bels Lijntje. De Belgische grens loopt letterlijk kriskras en totaal onlogisch door de gemeente. De grens loopt zelfs soms dóór de huizen en de tuinen. En dat kan behoorlijk lastig zijn, want als je zo’n huis of stuk grond koopt moet je niet alleen naar de Nederlandse notaris maar ook naar de Belgische notaris. Waar je je precies bevindt (in welk land) is het beste te herkennen aan de huisnummers. De vlaggen van de landen staan namelijk op de huisnummers. Dat loopt zelfs in sommige straten door elkaar heen. De plaats van de voordeur bepaald of men inwoner van Baarle-Hertog of Baarle-Nassau is. De enclavegrenzen zijn in het centrum zichtbaar gemaakt door grote RVS ‘punaises’ in het wegdek en speciale tegels in de bestrating. Op een enkele plek is de straat Belgisch en zijn de huizen Nederlands, zoals bij modehuis De Kok. Maar het is nog gekker, het gemeentehuis van Baarle-Hertog ligt op Nederlands én Belgisch grondgebied. Het is het enige gemeentehuis in de wereld waar een grens doorheen loopt. De grens wordt aangegeven met blauwe LED-lampjes. Tijdens gemeenteraadsvergaderingen kan het gebeuren dat de Belgische raadsleden op Nederlands grondgebied zitten. De kleinste enclave van Baarle van anderhalve bouwplaats ligt aan de ‘Loveren’. Het huis heeft twee huisnummers nl. 2 en 19. De grens loopt letterlijk dwars door de voordeur. Eén straat heeft twee verschillende namen. De Belgen noemen hem Hoogbraak en de Nederlandse naam is Nonnenkuil, rare naam trouwens.
Eerlijk gezegd is Baarle helemaal geen mooi dorp. Ik heb me altijd verbaasd over de vele dagjesmensen, die voornamelijk in het weekend Baarle bezoeken. Er moet iets zijn wat de mensen trekt. Is ’t misschien het gevoel in het buitenland te zijn? Of is het gewoon de Bourgondische sfeer die Baarle heeft? Misschien wel, maar besef wel dat het grootste en het gezelligste gedeelte van de gemeente Nederlands grondgebied is en dat is met name de Singel in het centrum waar de meeste horecagelegenheden zijn. Dus als je dáár een Belgisch biertje drinkt, ben je helemaal niet in het buitenland, maar gewoon in Nederland! Bourgondisch is Baarle zeker. Op en nabij de Singel bevinden zich vier restaurants en cafés namelijk: Den Engel, De Pannekoekenbakker, Raef en De Pungelaer.
Aan de Molenstraat 98 bevindt zich een drankenhandel met de toepasselijke naam “De Biergrens”, waar je meer dan 600 soorten (Belgisch) bier kunt kopen en uiteraard veel andere dranken. Probeer zo’n winkel maar eens in Nederland te vinden. 600 is natuurlijk extreem veel, maar wie gaat het natellen?
De meest bijzondere bezienswaardigheden van Baarle zijn: het Kaarsen Museum en Museum de Vergane Glorie. Maar beide musea zijn maar beperkt open en ook weer niet heel erg bijzonder.


Het Kaarsen Museum is alleen geopend van 1 april tot 30 september of voor groepen gedurende het hele jaar. Het museum bevat een uitzonderlijke collectie gebeeldhouwde kaarsen van Frits Spies. Uit pure bijenwas, op natuurlijke wijze gekleurd, heeft hij met ongelooflijk vaardige hand en veel geduld tot in de kleinste details meestal onderwerpen en personen van religieuze aard gebeeldhouwd. Het gaat hier om een absolute unieke kunstvorm van driedimensionale afbeeldingen van soms meer dan twee meter hoog.
In het kleine Museum de Vergane Glorie herleven diverse oude ambachten.
Jammer genoeg komen alle hoofdwegen van Chaam, Alphen en Turnhout middenin het centrum van de gemeente uit. Dit is precies waar de cafés zijn, waardoor het centrum niet bepaald autovrij is. Tijdens de werkdagen is Baarle alles behalve toeristisch en rijden grote vrachtwagens dwars door het smalle centrum. Het is ongetwijfeld een doorn in het oog van de bevolking. Van een randweg is al enige jaren sprake, maar het is waarschijnlijk moeilijk uit te voeren en erg kostbaar.


Al tientallen decennia zijn in Baarle de winkels op zondag open, dus ver voordat Nederland koopzondagen had. Dit was dus een van de redenen om naar Baarle te gaan. En tot op de dag van vandaag is het nog steeds stik druk in het weekend in Baarle. En als je toch in België bent, gooi dan meteen de tank vol, want benzine is nog altijd een stuk goedkoper in België.
Maar er is meer dat mensen naar Baarle trekt. Sigaretten zijn altijd goedkoop(er) geweest in België. Baarle heeft een aantal tabakswinkels waar veel Nederlanders inkopen komen doen, het liefst verpakt per slof. In de etalages zie je zelfs emmers met sigaretten. Het kan niet op.
Het is bekend dat ook vuurwerk aanzienlijk goedkoper is dan in Nederland en zelfs heel het jaar te koop is. Vooral in december zijn er heel wat Nederlanders die de autokoffer vol laden.
Samen gevat; Baarle Nassau en Baarle Hertog zijn vanwege de enclaves uniek in de wereld. In het weekend is het er druk en gezellig. Goedkoop zijn: benzine, sigaretten en vuurwerk. Genoeg redenen om (eens) naar de enclavedorpen te gaan, ondanks dat het eigenlijk helemaal niet mooi is, maar ach wat maakt dat uit, als het maar gezellig is. Toch?

Klik hier voor meer foto’s.

Baarle Nassau en Baarle Hertog op internet:

Baarle-Hertog (gemeente)

Baarle-Nassau (gemeente)

Dodendraad

Toerisme Baarle-Nassau-Hertog

VVV Baarle-Nassau-Hertog

Wikipedia Baarle-Nassau

Wikipedia Baarle-Hertog

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Mechelen 2018

Mechelen is niet zomaar een mooie stad dat bij toeval haar historische schoonheid heeft verworven. Ook in de middeleeuwen was architectonische schoonheid afhankelijk van geld en importantie. Tot 1795 vormde Mechelen het centrum van de kleine zelfstandige Heerlijkheid Mechelen. In dat verband had het gebied dezelfde status als bijvoorbeeld Holland, Zeeland, Vlaanderen en Brabant. Gedurende een korte periode in de 15e en 16e eeuw werden de Nederlanden vanuit Mechelen geregeerd en vervulde de stad de functie van bestuurlijke hoofdstad van de Nederlanden. Deze periode heeft bijgedragen tot het uitgebreide kunstbezit en diverse bijzondere gebouwen. De stad heeft het op een na hoogste aantal beschermde gebouwen van Vlaanderen, waaronder vier Unesco-vermeldingen. Tot het Unesco erfgoed behoren: de Sint-Romboutskathedraal, het lakenhuis op de Grote Markt, het groot begijnhof en de Ommegang.
Eens in de 25 jaar trekt de Hanswijkcavalcade door de Mechelse binnenstad. Dit is een historische en religieuze optocht van ruiters en door paarden getrokken praalwagens die taferelen en figuren uit de Bijbel en de geschiedenis van Mechelen verbeelden. De Cavalcade wordt gevolgd door de Ommegang. Dit is een religieuze processie dat voornamelijk in de Zuidelijke Nederlanden (nu België) plaatsvindt. De laatste Cavalcade was in 2013. Andere steden waar nog altijd processies plaatsvinden zijn: Brussel, Hasselt, Lede, Lier en Poederlee. De Ommegang is als traditie erkend door Unesco. Sinds 2008 wordt immaterieel erfgoed door Unesco opgenomen in de lijst van ‘Meesterwerken van het Orale en Immateriële Erfgoed van de Mensheid‘. Een hele mond vol, maar het komt er op neer dat Unesco naast materiële voorwerpen ook culturele, orale tradities, performing arts, rituelen en festivals en traditionele kennis opneemt en erkend als buitengewone onderwerpen met als doel het beschermen van immaterieel cultureel erfgoed. Tot deze lijst behoren onder ander ook Belgische Bieren en het Nederlandse ambacht van molenaars. Ondertussen staan meer dan 100 items op de lijst.
Mechelen is dus niet zomaar een stad, maar een stad rijk aan tradities, rijkdom, historie en cultuur. Laat ik niet vergeten te melden dat Mechelen ook een heel gezellige en culinaire stad is met een overvloed aan restaurants, cafés en bars. Met de eigen stadsbrouwerij Het Anker wordt dat nog eens dubbel onderstreept.
Ondanks de importantie van Mechelen in het verleden is de stad eigenlijk vrij klein gebleven en telt het nu circa 85.000 inwoners waardoor het tot de allermooiste kleine steden van België behoort. De stad ligt op circa 50 minuten rijden van Breda. Vanwege de ligging is het best populair bij Nederlanders. Alle bezienswaardigheden bevinden zich binnen de ringweg om het oude centrum dat maar een diameter heeft van een goede kilometer.


Dwars door de stad loopt de rivier de Dijle. Een rivier die uiteindelijk via de Rupel overgaat in de Schelde. Voor de scheepvaart vormt de rivier allang geen belangrijke rol meer voor de stad waardoor het water nu louter een toeristische functie heeft. Langs de rivier is het Dijlepad aangelegd. Wandelend over de moderne promenade gemaakt van staal en hout heb je een prachtig uitzicht op de historische panden en het water. Toch staan er ook moderne woonpanden tussen met balkons aan de waterzijde, maar het stoort niet. Middenin de stad en toch zo rustig, wat moet het heerlijk zijn om hier te wonen.
Over de Mechelaars, die ook wel Maneblussers worden genoemd, is nog een leuke anekdote te vertellen. De naam Maneblussers hebben de inwoners te danken aan een historische gebeurtenis uit de 17e eeuw. Op een bepaalde nacht was het volle maan met een lage bewolking. Een late caféganger met een glaasje te veel op dacht dat de Sint-Romboutstoren in brand stond. Heel de stad werd opgetrommeld en mensen stonden in lange rijen emmers met water door te geven om de kerktoren te blussen. Maar er was geen echte brand, door het invallend licht van de maan dacht de dronkenlap vuur te zien. Sindsdien hebben de Mechelaars de spotnaam de Maneblussers gekregen omdat ze de maan hadden proberen te blussen.
Het Anker is een nostalgische brouwerij waarvan de geschiedenis terug gaat naar het jaar 1872. Een van de directeuren besloot vanwege de felle concurrentie te stoppen met de productie van pils en alleen nog maar speciaal bier te brouwen. Achteraf is dit de redding van het bedrijf geweest, want de vraag naar speciaal bier groeide waardoor Het Anker overleefde. Het Gouden Carolus behoort nu tot de allerbeste bieren ter wereld. Naast bier produceren ze ook hun eigen whisky. De brouwerij timmert goed aan de weg, op het terrein is zelfs een hotel waar men kan overnachten. De brouwerij bevindt zich naast het Groot Begijnhof en dat is niet bij toeval. Begijnen speelden op de brouwerij een belangrijke rol bij de productie van bier omdat het drinken van gewoon water ongezond was en het drinken van (licht) bier was dat niet. Het volgen van een toer door de brouwerij is een populaire bezigheid in Mechelen. Een gids vertelt je in letterlijk in geuren en kleuren het proces van bierproductie. Uiteraard eindigt de toer in de proefkamer waar je een glaasje trippel en Gouden Carolus voorgeschoteld krijgt.


De Grote Markt is een prachtig plein met uitsluitend historische panden waarbij het stadhuis toch wel het meest bijzonder is. Het stadhuis bestaat uit drie delen: het Paleis van de Grote Raad, het belfort en de lakenhal. Het paleis uit 1526 werd echter pas in 1900-1911 volledig afgemaakt. Het belfort is een gotisch gebouw, uit de 14e eeuw en heeft diverse barokelementen uit de 17e eeuw. De toren zelf werd echter nooit volledig afgewerkt zoals gepland. Van een echte toren is daardoor nog nauwelijks sprake. De lakenhal werd gebouwd in de 14e eeuw en werd gebruikt voor de handel in textielproducten. In 1342 woedde er een brand en werd het drastisch verbouwd. Belfort en lakenhal zijn typische Belgische gebouwfuncties. Een belfort of hallentoren is een middeleeuwse wachttoren met een stormklok. Een groep van 56 belforten in België en Frankrijk is opgenomen in de Unesco Werelderfgoedlijst. Een lakenhal is een gebouw dat zijn oorsprong kent in de middeleeuwen als handels- en stapelplaats voor het laken, een industrie die zich bezighield met het maken van wollen lakenstoffen.


Mechelen heeft een Klein en een Groot Begijnhof die al in de 13e eeuw zijn gesticht. De begijnhoven hebben niet (meer), zoals het woord doet geloven en zoals dat bij andere begijnhoven dat wel vaak het geval is, die typische hofjesstructuur met kleine huisjes er omheen. Nee, in Mechelen lijken het haast gewone steegjes met best wel grote huizen. Je moet het weten dat je in een voormalig begijnhof bent, anderzijds verraden de straatnamen wel deels de oorspronkelijke functie. De laatste 40 jaren zijn meer en meer huizen in privébezit gekomen, wat geleid heeft tot restauratie van vele panden en een algemene opwaardering van het gehele begijnhof. In België staan 13 begijnhoven tezamen op de Unesco erfgoed lijst.
Binnen het historisch centrum van Mechelen staan maar liefst acht historische kerken. De meest bijzondere daarvan zijn de Sint-Romboutskathedraal en de Sint-Pieters-en-Pauluskerk. De grote Sint-Romboutskathedraal in Mechelen is de hoofdkerk van het aartsbisdom Mechelen-Brussel. De kathedraal is vooral beroemd vanwege de ruim 97 meter hoge toren met zijn twee beiaarden. De beroemde toren beheerst het stadsbeeld van Mechelen en geldt als een van de bekendste in België. De oorspronkelijke geplande hoogte was maar liefst 167 meter, maar door geldproblemen is de toren nooit op deze hoogte voltooid. Dit verklaart de enigszins stompe top van de toren. De toren is als onderdeel van een groep van 56 belforten en kerktorens in België en Frankrijk opgenomen op de Unesco erfgoedlijst en dat is best opvallend, want de toren van het stadhuis, dat eigenlijk niet een echte toren is, heeft ook deze status. De kerk in Brabantse gotiek is in de 13e – 16e eeuw gebouwd.
Misschien ben je niet geïnteresseerd in al deze oude historie en kom je alleen voor een dagje gezellig shoppen, ook dan voel je je waarschijnlijk wel thuis in Mechelen. Met een pint in een café na afloop, heb je ongetwijfeld ook een leuke dag. Mechelen is vooral fantastisch omdat het nog zo puur is; gezellig, mooi, historisch en kleinschalig. Ben je de grote drukke wereldsteden beu, dan ben je in Mechelen op de juiste plaats. Ik weet zeker dat ik nog eens terug ga.

Klik hier voor meer foto’s van Mechelen.

De acht kerken in het centrum van Mechelen:

Begijnhofkerk, Nonnenstraat 28
Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk, Onze-Lieve-Vrouwestraat
Onze-Lieve-Vrouw-van-Hanswijkbasiliek, Hanswijkstraat
Onze-Lieve-Vrouw van Leliëndaal, Bruul (straat)
Sint-Janskerk (Sint-Jan de Evangelist), Sint-Janskerkhof (straat)
Sint-Jozef-Colomakerk, Tervuursesteenweg
Sint-Katelijnekerk, Sint-Katelijnestraat
Sint-Pieters-en-Paulus, Veemarkt 44
Sint-Romboutskathedraal, Onder-Den-Toren 12

De belangrijkste musea in Mechelen:

Brouwerij Het Anker, Guido Gezellelaan 49

Joods Museum van deportatie en verzet, Kazerne Dossin, Goswin de Stassartstraat 153

Klokkenmuseum Huis Michiels, Huis De Clippel, Korenmarkt.

Museum Schepenhuis, Steenweg 1

Museum het zotte Kunstkabinet / Het Vliegend Peert, Centrum voor oude kunst, Sint Katelijnestraat 22

Speelgoed Museum, Nekkerspoelstraat 21

Mijn persoonlijke top 10 van Mechelen:

1. Sint-Romboutstoren en kathedraal
2. Brouwerij Het Anker
3. Sint-Pieters-en-Paulus kerk
4. Grote markt
5. Kruidtuin
6. Begijnhof
7. De Dijle
8. Stadhuis
9. Paleis Margaretha van Oostenrijk
10. Vismarkt

Mechelen op internet:

Mechelen Mapt

Mechelen

Toerisme Mechelen

T0p 10 bezienswaardigheden 

Uit in Mechelen

Visit Mechelen

Wikipedia

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Athene 2017

Na onze rondreis door Griekenland verblijven we nog drie dagen in Athene. Vrienden hadden gezegd, dat twee dagen voldoende is voor Athene. Ik als citytripfreak kon dat moeilijk geloven. Hoe kun je in hemelsnaam zo’n oude stad bezichtigen in slechts twee dagen? Zelfs in kleinere steden verblijf ik al snel drie tot vier dagen. Het antwoord is eigenlijk heel simpel; ja, je kunt de belangrijkste bezienswaardigheden van Athene makkelijk in twee dagen zien, maar als je meer wil zien moet je toch echt drie tot zeven dagen uittrekken. Er zijn tientallen musea te bezichtigen.
De voorstelling die ik vooraf van Athene had blijkt uiteindelijk compleet niet aan te sluiten bij de werkelijkheid. Athene is vooral een stad met veel tegenstrijdige eigenschappen. Athene is mooi maar ook lelijk, druk maar ook rustig, oud maar ook nieuw. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Hoe dan kan? Dat lees je hier onder.
Wat mij het meest opvalt in Athene is dat alles maar dan ook alles onder de graffiti zit. Ik heb nog nooit een stad gezien die zo veel en vies is onder geklad. Gelukkig worden de historische sites redelijk bespaard, maar dan heb je het ook wel gehad. Alle muren, roldeuren, kolommen enz. zijn beklad, zelfs verkeersborden, informatieborden. Alles. Bah! Het zet me aan het denken. Waarom? Het enige wat ik mij kan bedenken is; ongenoegen, frustratie, expressie, verzet, werkeloosheid, geen toekomst, verveling en dat soort eigenschappen. Artistiek is het zeker niet, maar dat geldt wel voor de vele muurschilderingen die er zijn. De muurschilderingen zijn vooral kleurrijk, origineel, groot en artistiek. Je ziet ze overigens in alle steden steeds meer verschijnen. Je mag zelf bepalen wat je er van vindt.


Buiten de archeologische sites is Athene helemaal geen oude stad. Dat verbaasde mij enorm. Je zult dan ook vrij weinig historische gebouwen zien. Tot tweehonderd jaar geleden was Athene een onbeduidend dorp van hooguit 4.000 inwoners. Veel bewoners leefden tussen de tempelruïnes. Zelfs nadat de Grieken in 1821 tegen de Turkse heerschappij in opstand waren gekomen en de strijd met een overwinning in 1828 had beslecht, werd Athene nog steeds niet uitverkoren als hoofdstad. Pas in 1829 werd de Griekse onafhankelijkheid erkend en in 1833 volgde Athene het kleine Nauplion op als hoofdstad van het nieuwe koninkrijk. Daarmee is Griekenland zelfs nog jonger dan Nederland! Eind 19de eeuw was Athene nog maar een kleine stad met 100.000 inwoners. In de decennia daarop werd een nieuwe stad ontworpen. In schril contrast met de archeologische schoonheid staan de stadswijken die uit de grond werden gestampt. Na de nederlaag tegen de Turken in 1923 verdrongen zich honderdduizenden woningzoekende Griekse vluchtelingen naar Athene. Na de Tweede Wereldoorlog begon de grote leegloop van het platteland naar de grote steden en weer braste Athene uit haar voegen. In de 20e eeuw maakt Athene een enorme groei door. Dit verklaart waarom er redelijk weinig oude bebouwing is in de stad. Het voelt niet historisch aan. Nu telt Athene circa 700.000 inwoners, terwijl het gehele stedelijke gebied van de metropool circa 4-5 miljoen inwoners telt. Door deze ontwikkeling heeft Athene zijn typische uitstraling en karakter gekregen, waardoor Athene echt helemaal anders is dan alle andere hoofdsteden in Europa. Dat was voor mij bijna een cultuurschok. Hier kun je je niet op voorbereiden. Het overkomt je. Dit is ook de reden waarom mensen zeggen dat je Athene in twee dagen kunt bekijken. Het is een stad met twee gezichten, archeologisch en modern tegelijk.
Het centrum van Athene is heel compact. In die zin is alles eenvoudig te voet te bereiken, maar het zijn andere dingen die je wandeling mogelijk beperken. In de zomer kan het zeer heet zijn in de stad, waardoor je lever loom op een terrasje rondhangt dan bezweet door de stad gaat wandelen. De ‘nieuwe’ stad is redelijk vlak, maar het heeft wel een aantal steile heuvels verspreid over de stad. En je raadt het al, een aantal bezienswaardigheden zijn bovenop deze heuvels. Dat wordt klimmen dus. De belangrijkste heuvels zijn: Akropolis, Lykavittós en Filopappou.
Misschien ben ik af en toe negatief over Athene maar toch verblijf ik er graag. Athene is een gezellige stad met veel restaurantjes. ‘s-Avonds buiten eten op een terras is bijna dagelijks mogelijk. Mensen leven op straat dankzij een warm klimaat. Genoeg argumenten voor een citytrip naar Athene.

Hieronder de hoogtepunten van Athene tijdens onze vakantie.

Agora van Athene
Dit is de grootste archeologische site van Athene. Het vormde in de oudheid, net zoals de agora’s in andere Griekse steden, het centrum (letterlijk ‘verzamelplaats’) van de stad. Agora ontstond rond het begin van de 6e eeuw v.Chr. Hier lagen de belangrijkste gebouwen voor bestuur en rechtspraak en er vonden markten en religieuze feesten plaats. Het meest indrukkende en best bewaarde gebouw is de Tempel van Hephaistos (ook wel Theseion genoemd) uit de tweede helft van de 5e eeuw v.Chr. De tempel is een zogenaamde Dorische peripteros. Dat wil zeggen dat het gehele gebouw is omgeven door een rij Dorische zuilen: aan de korte kanten 6 zuilen en aan de lange kanten 13 zuilen. De zuilen staan om de cella, het eigenlijke heiligdom waarin de godenbeelden hebben gestaan. Alle 34 zuilen staan nog overeind.
In de jaren 1953-56 werd de Stoa van Attalus herbouwd om te dienen als museum (het Agora Museum) en werkruimte voor de archeologen. In het museum zijn voornamelijk standbeelden, reliëfs en resten van de versiering van de bouwwerken op de Agora te zien.

Akropolis
Athene is een stad van heuvels en het Akropolis ligt bovenop een van die heuvels, waardoor het al snel vanuit alle stadsdelen zichtbaar is. Het Akropolis is misschien wel een van de beroemdste bouwwerken van de wereld. Het is het eerste grote bouwwerk in de geschiedenis van de mensheid dat in democratische staat tot stand kwam en uiteraard staat het op het Unesco erfgoed. Het is nummer 1 van de bezienswaardigheden in Athene.
Als makke schapen volgen we sloom de toeristenstroom die het 156 meter hoge tafelgebergte beklimt. Het Akropolis is niet echt een ‘doe ding’. Het is eigenlijk niet meer dan een wandeling langs de oude gebouwen die vanwege de leeftijd in een behoorlijk slechte staat zijn. Hierdoor kun je de ruïnes alleen van een afstand bekijken. Als eerste zien we het Dionysustheater. Dit is het oudste theatergebouw in Europa en de bakermat van de antieke tragedie. Het werd gebouwd in negen verschillende bouwfasen vanaf de 6e eeuw v.Chr. Het mooie is dat je er nog steeds mag lopen en zitten. In fantasie zie ik Griekse toneelspelers een stuk spelen van een Griekse mythologie. De volgende arena is de Odeion van Herodes Atticus. Hier worden op zomeravonden regelmatig opera’s, balletvoorstellingen, concerten en antieke Griekse tragedies uitgevoerd onder de blote Atheense hemel. Het hele zitgedeelte is gerenoveerd, maar de toneelmuur is nog van 161 n.Chr. Via een aantal minder interessante ruïnes kom je bij het Parthenon, letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt van de Akropolis. Het Parthenon was de tempel voor Athena Parthenos (de Maagd), die de beschermgodin was van de stad Athene. De tempel vormt het hoogtepunt van de Atheense bouwkunst in de klassieke periode. Het is voltooid in 447-432 v.Chr. De tempel heeft een indrukwekkende afmeting van 69,51 × 30,86 meter en het telt 46 zuilen die circa 10 meter hoog zijn. Sinds 1975 is men bezig met de renovatie van het bouwwerk. Een speciaal voor dit werk vervaardigde kraan kan weggeklapt worden als er geen bouwwerkzaamheden zijn, maar desondanks is de kraan toch wel dominant aanwezig. Voor mij vormt het een heel tegenstrijdig en botsend plaatje. De oude Grieken gebruikten toch ook geen moderne kranen om bouwwerken te maken? Het is hightech versus ambachtelijk vakmanschap. Het zet me aan het denken; moet de ruïne nou wel of niet gerenoveerd worden? Willen we een ‘originele’ ruïne of moet de mens ingrijpen in de historie? Het Parthenon is zwaar beschadigd tijdens het Venetiaans beleg van 1687. Het Parthenon wordt niet hersteld tot een pre-1687 toestand, maar de schade veroorzaakt door de explosie wordt zo veel mogelijk hersteld. Dit betekent dat de kolommen weer recht gezet zijn en daar waar noodzakelijk delen hersteld zijn met nieuw wit marmer, waardoor het heel herkenbaar is wat nieuw is. In 2020 zullen de werkzaamheden gereed zijn.
Erechtheion is een der voornaamste heiligdommen van Akropolis. De tempel in Ionische stijl werd tussen 421 en 406 v.Chr. opgetrokken in Pentelisch marmer. De tempel is beroemd om de zes zuilen die de vorm hebben van 2,3 m hoge vrouwenfiguren wier hoofden als kapiteel dienen. De zuilvrouwen noemt men kariatide. Momenteel zijn deze vervangen door kopieën. Van de originele zuilen bevinden zich er vijf in het Akropolismuseum en één in het Londense British Museum.

Anafiótika
Dit wijkje ligt ten noordoosten van de Akropolisheuvel. Het is het meest idyllisch deel van Athene. We ontdekken het per toeval. Er zijn zelfs relatief weinig toeristen. Dit is wat je ziet in de reisbrochures. Prachtig. De steegjes zijn vaak niet breder dan ongeveer 80 cm. Witte slingerende trapjes met bloempotten, veel groen, kleine witte huisjes en een prachtig uitzicht op de Lykavittós heuvel. Souvenirwinkels noch tavernes verstoren het beeld. Maar tegelijkertijd ook erg armzalig met hier en daar golfplaten. Ik krijg zelfs de indruk de sommige huisjes niet meer bewoond worden, of omdat de huizen te weinig luxe bieden of omdat men gevlucht is voor de toeristen die dagelijks langs hun huis lopen. En zelfs hier is de witte muur langs het wandelpad vol gespoten met graffiti.

Archeologisch Museum
Het is aannemelijk dat veel meer mensen naar het Akropolis Museum gaan, dat naast het beroemde Akropolis ligt, maar wij kiezen voor het Archeologisch Museum ten noorden van het centrum, omdat dit museum een veel grotere en indrukkende collectie heeft. In dit grootste museum van Griekenland zijn kunst- en gebruiksvoorwerpen van meer dan vijfduizend jaar Griekse geschiedenis ondergebracht. Een paradijs voor de archeologische liefhebber.

Megali Mitrópoli (Grote Metropolitaan)
Athene bulkt niet van de grote, mooie en bijzondere kerken zoals je dat bijvoorbeeld in Rome of Boedapest ziet. De meeste kerken zijn klein, maar de Grote Metropolitaan of Megali Mitrópoli vormt daar een uitzondering op. Deze kerk staat het hoogst in rang van alle Griekse bisschopskerken. Groot en statig staat deze bisschopskerk op het Metropolis plein. Het kleine 900 oude byzantijnse Agios Eleftherios kerkje, dat er naast staat, valt bijna in het niet. De Grote Metroplitaan heeft een schitterend interieur met – zoals zoveel kerken in Griekenland – prachtige fresco’s.

Lykavittós heuvel
Ik moet bekennen, we zijn niet naar de Lykavittós heuvel geweest, maar omdat deze heuvel zo uitdrukkelijk aanwezig is in de stad wil ik er toch iets over vertellen. Met 277 meter hoogte torent deze heuvel letterlijk boven alles uit in Athene. Met diverse buslijnen kun je de top bereiken, maar dat kan ook met een bergtrein vanaf de Aristippou (straat). De heuvel wordt bekroond door de witte kapel Agios Geórgios uit 1834. Op de toppen na is de heuvel helemaal begroeit met bomen waardoor er buiten het uitzicht niet veel te beleven valt.

Overige archeologische sites in Athene
Athene heeft naast het Agora een groot aantal archeologische sites in het hart van het centrum. De bekendste daarvan zijn: Kerameikos, Hadrian’s Library, Roman Agora en het Olympieion. Voor wie het wil kan ze allemaal bezoeken, maar uiteindelijk vertonen ze wel veel overeenkomsten. Vanwege de leeftijd zijn het veelal niet meer dan ruïnes.

Nationale Tuin van Athene
De Nationale Tuin ligt ten oosten van het centrum bij het parlementsgebouw. In 1836 werd het paleispark aangelegd. Weg van de drukte is dit een heerlijk park om even tot rust te komen. Het is een prachtig bosrijk park met slingerende wandelpaden en bloemperken.

Pláka
Ten noordoosten van de Akropolisheuvel ligt het ‘jonge’ historische centrum van Athene dat nu het meest toeristische gedeelte is van Athene. Voor de één een walhalla en voor de ander is het een te vermijden gebied. Vooral nabij Monastiraki is het een aaneenschakeling van souvenirwinkels. Je vindt het eigenlijk vanzelf, want je wordt er gewoon naartoe gezogen! Gezellig, dat zeker wel. Druk, tuurlijk, vooral dat. Maar gelukkig zijn de verkopers niet agressief en kan je rustig rondkijken. Er zijn misschien wel een miljoen dingetjes te koop. Ja dingetjes, want in de regel is het veel prullaria, van ‘houten lullen’ tot mooie marmeren schaakborden met Griekse figuren. You name it. Tavernes en terrassen maken het plaatje compleet.

Platía Syntágmatos (Sýntagma plein)
Wellicht het bekendste plein van Athene is de Platía Syntágmatos, ofwel het plein van de grondwet (Sýntagma). Hier vinden regelmatig protesten plaats. Het plein wordt vaak als een bezienswaardige plaats beschreven in reisgidsen, maar persoonlijk kon mij het plein weinig bekoren wat hoofdzakelijk veroorzaakt wordt door de verkeersdrukte. Gebouwen die aan het plein staan zijn nou ook weer niet zo heel indrukwekkend. De meeste toeristen komen naar het plein voor het bekijken van het parlementsgebouw en de Evzone wachters. Het grote en indrukwekkende parlementsgebouw (Voulí ton Ellínon) uit 1842 is oorspronkelijk gebouwd als paleis voor koning Otto I. Voor het paleis ligt het graf van de onbekende soldaat, maar het marmeren graf is zo eenvoudig dat het je makkelijk ontgaat. Alle aandacht gaat uit naar de twee Evzone-wachters in traditionele 19e eeuwse uniformen die ‘zogenaamd’ de wacht te houden. Elk heel uur wordt de wacht afgelost, dat met strak ceremonieel plaatsvindt. Aan dit plein liggen enkele grote en dure hotels zoals ‘Hotel Grande Bretagne’, het oudste en bekendste hotel van de stad. In dit hotel hebben veel beroemdheden gelogeerd en het was tijdens de Tweede Wereldoorlog het hoofdkwartier van de Duitse bezetters.

Het presidentieel paleis alsmede de ambtswoning van de premier zijn gelegen achter het parlementsgebouw en de nationale tuin, aan de Irodou Attikou. De Evzone-wachters houden tevens wacht voor het presidentiële paleis en voeren ook de ceremonie van de wisseling van de wacht uit.

Stisikleous
Stisikleous is een wandelpromenade rondom het Akropolis. Ooit was dit een gewone straat maar nu is het geheel autovrij gemaakt. Het is er altijd druk met toeristen. De redenen daarvoor zijn divers. Het is de weg naar het Akropolis. Bij hoge temperaturen met lichte kleding kun je er heerlijk flaneren. Er zijn terrasjes in overvloed. Of je vindt het heerlijk te snuffelen tussen de vele souvenirkraampjes. Maar je ziet er ook veel kunstenaars en hobbyisten die kleine spulletjes verkopen die ze thuis of ter plekke maken. De ‘rondweg’ eindigt of begint – het is maar net hoe je het bekijkt – bij het Akropolos Museum en eindigt onder het centrum.

Wil je ook weten hoe we de rondreis door Griekenland ervaren hebben, lees dan hier het verslag. Veel plezier in Griekenland als dit verslag een inspiratiebron was voor je volgende reis.

De belangrijkste musea van Athene:

Athene kent een groot aantal musea met een grote verscheidenheid. Alleen al hierom is twee dagen erg kort voor een reis naar Athene.

Acropolis Meuseum, 15 Dionysiou Aeropagitou St.

Ancient Agora Museum,

Athens Municipal Gallery, 51 Pireos St.

Athens National Archaeological Museum, 44 Patision

Benaki Museum, 1 Koumpari

Byzantine & Christian Museum, 22 Vasilissis Sofias

Eleftherios Venizelos Museum, Eleftherias Park

Emotions Museum of Childhood, 7 Karatza

Epigraphic Museum, 1 Tositsa

Exile Museum, 31 Agion Asomaton

Frissiras Museum, 3 Monis Asteriou

G. Gounaropoulos Museum, 6 G. Gounaropoulos St. Ano Illissia

Hellenic Children’s Museum, 14 Kidathineon

Hellenic Motor Museum, 33-35 Loulianou & Tritis Septemvriou

Herakleidon Museum – Art & Mathematics, 16 Irakleidon St.

Ilias Lalaounis Jewelry Museum, 12 Kalisperi & Karyatidion St.

Industrial Gas Museum, 100 Pireos & Persefonis

Jewish Museum of Greece, 39 Nikis St.

Katina Paxinou Museum, 20 Agiou Konstantinou & Menandrou

Kerameikos Museum, 148 Ermou St.

Museum of Athinais, 34-36 Kastorias St.

Museum of Cycladic Art, 4 Neofytou Douka St.

Museum of Folk Art & Tradition, 6 Chatzimichali

Museum of Greek Children’s Art, 9 Kodrou

Museum of Greek Folk Art, 17 Kydathineon

Museum of Greek Folk Musical Instruments, 1-3 Diogenous

Museum of the City of Athens, 5-7 Paparrigopolou St.

Museum of the History of the Greek Costume of the Lyceum Club of Greek Women,
7 Dimkritou

Mijn persoonlijke top 10 van Athene:

1. Akropolis
2. Archeological Museum
3. Anafiótika
4. Plaka
5. Grote Metropolitaan
6. Agora van Athene
7. Stisikleous
8. Nationale Tuin van Athene
9. Platía Syntágmatos
10. Akropolis Museum

Klik hier voor meer foto’s van Athene.

Veel plezier in Athene.

Athene op internet:

Lonely Planet

This is Athene

T0p 10 bezienswaardigheden 

Visit Athene

Wikipedia

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen